W3vina.COM Free Wordpress Themes Joomla Templates Best Wordpress Themes Premium Wordpress Themes Top Best Wordpress Themes 2012

‘Het mooiste wat je een kind mee kunt geven, zijn wortels en vleugels.’ (Australisch gezegde)

Romy (11 jaar) heeft in haar jonge leven al veel meegemaakt. Toen ze drie was zijn haar ouders gescheiden. Haar vader is daarna naar het buitenland vertrokken. Tot haar grote verdriet lukt het niet om een band met hem op te bouwen. Vorig jaar is Oma overleden die veel voor Romy en haar broertje zorgde. Sinds die tijd heeft Romy angst gerelateerde klachten ontwikkeld. Ze is vaak misselijk, slaapt slecht en kan zich op school moeilijk concentreren.

In de eerste sessie bespreken we waar ze zelf aan wil werken en wat ze van mij verwacht. Romy begrijpt heel goed dat de dingen die gebeurd zijn niet terug te draaien zijn, ook al blijft haar grootste wens dat haar vader weer in Nederland komt wonen. Ze hoopt dat door de therapie haar angsten verdwijnen en dat ze weer lekker kan slapen.

Als therapeut is mijn eerste taak haar te laten ervaren dat zij welkom is, met alles wat bij haar hoort. Hier gaat het om jou, jij wordt gehoord en gezien. Jij bent goed zoals je bent. Pas als dat wankele evenwicht er is kan er weer vertrouwen in de wereld om je heen ontstaan. Je kunt pas dragen wat er op je pad komt als je jezelf staande kunt houden…

In deze paar zinnen ligt de basis om aan problemen te kunnen werken. Daarbij moet opgemerkt worden: een therapieproces verloopt zelden in een rechte lijn. Het is afhankelijk van de situatie, de lijdensdruk, de eerste behoefte, waar je insteekt. Ook de houding van de therapeut verandert mee met de groei van de cliënt.

Sowieso gaat het in kleine stapjes. Eerst maar eens kijken wat Romy fijn vindt om te doen. Houdt ze van kleurpotloden en verf, of juist van knutselen? Hoe reageert ze op klei, staat ze open voor onbekende materialen en technieken? Terwijl Romy de mogelijkheden van de uiteenlopende materialen ontdekt, maak ik haar voorzichtig wegwijs in wat er zich van binnen afspeelt. Buitenkant en binnenkant gaan samen op, werken op elkaar in.

Ze leert goed te luisteren naar wat haar lijf aangeeft. Eerst met behulp van kleuren en vormen, later ook met woorden er bij… Ze leert te herkennen wat ze voelt, dat toe te laten en te dragen. Ze leert wat bij haar hoort en wat niet. Wie ben ik in dit alles? Waar liggen mijn grenzen? Wat vind ik er zelf eigenlijk van? Stukje bij beetje lukt het om de puzzel van haar leven in beeld te krijgen. Ze hoeft die puzzel niet in een keer te leggen, er zijn ook gebieden die vaag mogen blijven. Romy bepaalt wat aandacht nodig heeft.

Om enkele onderwerpen te noemen: Aan de hand van een stamboom werken we familierelaties uit, krijgt ze zicht op wie er achter en om haar heen staan, zichtbaar of onzichtbaar. Hier ontdekt Romy waar haar wortels liggen, wat haar voedt en schaadt. Ze ervaart ruimte om te experimenteren met kleur en lichaamskracht. Haar sterke verbinding met Oma geeft ze vorm in een knuffelbeer van lapjes die aan Oma herinneren. Het zelf op de naaimachine werken geeft haar vleugels!

In de laatste sessie blikken we samen terug. Alle werkstukken liggen op volgorde van tijd in de therapie ruimte.

Waar ben je het meest tevreden over? ‘De knuffelbeer’.

Wat heeft je geraakt? ‘Ik werd heel verdrietig toen ik aan de boom zag hoe dicht ik bij mijn vader sta en dat ik toch niet bij hem kan komen…’

Wat heeft je geholpen? Ze wijst naar de levensgrote lichaamsomtrek waarin ze met kleur de plekken gemarkeerd heeft die van binnen pijn doen. ‘Dat je verdrietige gevoel en alle nare dingen op het papier liggen en dat het dan uit jou is…’

                                                    

Deze casus is met toestemming van de cliënt beschreven en op de website geplaatst. De naam Romy is gefingeerd.